|
23 mei 2007: Reds verliezen saaie finale Geen 6e beker met de grote oren voor Liverpool, deze keer. Tegenstander Milan was met slim voetbal met 2-1 te sterk AC Milan 2-1 Liverpool (’45 Inzaghi 1-0, ’82 Inzaghi 2-1, ’89 Kuyt 2-1) De voortekenen wezen er op dat AC Milan zich niet nog een keer zou laten gek maken, net als tijdens die gedenkwaardige avond in Istanbul, zo’n 2 jaar geleden. Beide teams speelden toen uitermate aanvallend, met als resultaat dat Milan in 6 minuten een meer dan comfortabele 3-0 voorsprong weggaf. Milan-coach Ancelotti koos voor een zeer defensieve opstelling, met Inzaghi als eenzame spits voorin. Ook Rafa Benitez nam toch maar z’n voorzorgsmaatregelen, vreesde hij het sterke Milan-middenveld? Waarschijnlijk wel, want ook hij timmerde de middenlinie vrijwel dicht. Pennant, Mascherano, Alonso en Zenden moesten voor stevigheid zorgen. Voorin kreeg Kuyt gezelschap van Gerrard, en achterin stonden de bekende namen. Het leek aanvankelijk goed uit te pakken….. Aan Liverpool zou het vanavond absoluut niet liggen. De ploeg liet overduidelijk de aanvallende intenties blijken. Op de vleugels kregen Pennant en de ietwat tegenvallende Zenden telkens genoeg ruimte om op te stomen. Milan had het hier behoorlijk lastig mee, want door de druk die Alonso en Mascherano wisten te zetten, kwamen Seedorf, Pirlo en Kaka amper aan goed voetbal toe. Hoewel Inzaghi in de 5e minuut nog een schot geblokt zag, was de eerste helft duidelijk voor de ploeg uit Liverpool, met de eerste grote kans voor Pennant. Een uithaal vanaf rechts werd gepareerd door Dida. De laatste had ook nog geluk bij kansen voor Kuyt (volley) en Riise (schot van afstand), deze pogingen misten de goal. Had Milan hier nog wat tegenover te stellen? Weinig, want het stond tegenover een hardwerkend Spaanstalig duo. Mascherano en Alonso hadden de boel goed op orde, dat bleek vooral toen de 2e rond de 40e minuut naar voren wilde, maar gestuit werd door Gattuso. Dat was niet de eerste overtreding van de Italiaan op de Spanjaard, en het kostte hem geel. Mascherano was bijna overal te vinden, en knapte veel vuil werk op tussen de defensie en de middenlinie. Milan leek alles rustig af te wachten. Het moment om toe te slaan zou wel komen, en geen beter moment, dan net voor de thee. Pirlo nam een vrije trap op een meter of 20 afstand van de goal. Hij schoot de bal om de muur heen, en trof daar achter, letterlijk en figuurlijk, een geheel vrijstaande Inzaghi. Via diens lichaam (het leek z’n arm via de borst) was Reina zo kansloos als het maar kon: 1-0 Na rust drong Liverpool aan, maar omdat de Italianen langzaam aan wat meer uit hun schulp kropen, leek 2-0 meer voor de hand dan de 1-1. Pirlo had de beslissing, echter miste hij het doel maar net. The Reds kregen dé kans op de gelijkmaker door Gerrard. Vanaf de linkerkant een mogelijkheid waar de aanvoerder doorgaans wel raad mee weet. Helaas met rechts te zacht ingeschoten om Dida daadwerkelijk te verrassen. Na een uur kwam Kewell het veld in voor Zenden. Dit zou het tij ook niet keren, ook al omdat pas laat ( in de 79e minuut) Crouch ingebracht werd. Een paar minuten later besliste Inzaghi de wedstrijd, door op randje buitenspel een steekpass van Kaka in ontvangst te nemen en 10 meter verder Reina wéér kansloos te laten: 2-0 De eerste goal van Kuyt in de Champions League, 1 minuut voor tijd, deed er niet meer toe. Met dank aan degelijk, afwachtend voetbal(iets waar het Britse voetbal eigenlijk nog nooit goed op heeft kunnen anticiperen) ging de cup naar Italië. En bleef de teller staan op 5. Liverpool: Reina, Finnan(’88 Arbeloa), Agger, Carragher, Riise, Pennant, Mascherano(’78 Crouch), Alonso, Zenden(’60 Kewell), Gerrard, Kuyt
|